Verkoop Essent: het venijn zit in de staart

01-10-2010

GroenLinks was vorig jaar fel tegen de verkoop van overheidsaandelen Essent aan het Duitse RWE. Niet alleen omdat RWE een gigant is in stroom uit kolen, maar evenzeer omdat het zich wil toeleggen op de productie van kernenergie in Nederland. De Essent miljoenen die op de rekening zijn bijgeschreven, steken schril af bij de ontwikkelingen die we in de komende periode kunnen verwachten. Rutte I zal de productie van duurzame energie veel te weinig stimuleren en die van kernenergie juist wel.

Het is mede daarom erg jammer dat we de invloed op de energieproductie via het aandeelhouderschap hebben verloren. Niet dat het aandeelhouderschap voorheen zo sterk werd ingevuld. Daar had de politiek zich indertijd meer voor moeten inzetten. Maar nu zijn de kansen definitief verkeken om duurzame energieproductie via het aandeelhouderschap bij een grote energieproducent in de hand te werken. Met het besluit tot verkoop van de aandelen van Essent hebben de voormalige aandeelhouders de keuze vastgelegd geen verdere rol te willen spelen in de productie van en handel in energie en dat gegeven heeft op dit moment bijzondere betekenis, blijkt uit een zorgvuldig opgestelde brief (complimenten) van ons College van B&W.

De overdracht van een voormalig bedrijfsonderdeel van Essent, dat voor de helft participeert in een onderneming die de kerncentrale in Borssele exploiteert, wordt bij de rechter betwist. Dat is niet het venijn waar ik op doel, want de inzet van de juridische procedure is om het bedrijf dat Borssele exploiteert in Nederlandse handen te laten blijven. Prima. Het probleem is dat de voormalige aandeelhouders in Essent, aandeelhouder blijven van het bedoelde bedrijfsonderdeel, totdat de juridische procedure – die tot wel vier jaar in beslag kan nemen – helemaal is afgerond. Nu de aandelen vooralsnog niet geleverd kunnen worden aan RWE vanwege de rechterlijke uitspraken, zijn die aandeelhouders wel gebonden aan de verplichtingen die horen bij goed aandeelhouderschap. Het belang van de onderneming dient daarbij voorop te staan, zo is wettelijk vastgelegd. Een hachelijke kwestie: we zijn voorlopig aandeelhouder, maar hebben niets te zeggen als dat onzekerheid voor de onderneming oplevert. In het verleden hebben de aandeelhouders van Essent ermee ingestemd dat het bedrijf nieuwe activiteiten ontplooide op het gebied van kernenergie. Dat maakt het lastig om een koerswijziging in te zetten: immers een verandering van koers van de onderneming die wordt overgenomen, betekent onzekerheid en is daardoor niet goed mogelijk.

De aandeelhouders hebben dan ook geen bemoeienis met de eerste stap die door Energy Resources Holding BV is gezet om te komen tot een vergunningaanvraag voor een 2e kerncentrale in Borssele. Venijnig nietwaar? Erg vervelend dat het zo loopt en dat een bedrijf dat formeel in overheidshanden is, voorlopig niet kan worden bijgestuurd. Wel is het zo dat de aandeelhouders van Essent met activiteiten op het gebied van kernenergie instemden onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat er géén onomkeerbare stappen zouden worden gezet. Dat betekent dat aandeelhouders wel kunnen ingrijpen als van hen een investeringsbesluit wordt gevraagd. Dat besluit is nog lang niet aan de orde. Maar bij die gelegenheid kunnen en wat ons betreft moeten we onze positie van aandeelhouder wel laten gelden en de boel tegenhouden. Het lijkt me voor de directie van ERH verstandig, met die mogelijkheid rekening te houden. Immers het venijn zit in de staart.

Jelle Kort

terug