|
Start > Nieuwsbrief > Archief 2007 > 29 Juni |
Word lid! | |||||||||||||
linksvoor
De digitale nieuwsbrief van GroenLinks Enschede 29 Juni 1. Enschede, Dé stad van het Oosten 2. Duurzaamheid kan krachtiger in combinatie met klimaatbeleid 3. Ons Enschede 4. Imagobeleid Enschede, inzet op mensen 5. Ontmoeten centraal in stadsdeelgewijs werken 6. Enschede op zoek naar goede partners 7. Begrip voor afblazen Stadsbedrijf 8. Groene parels Havengebied worden gespaard
Enschede, Dé stad van het Oosten In de vorige LinksVoor gaf ik al aan dat GroenLinks enthousiast is over de (concept) kadernota. Er wordt duidelijk gekozen en het geschetste kader biedt veel aanknopingspunten om de eigen kwaliteiten van de stad en haar inwoners te versterken en bij elkaar te brengen. Op een aantal punten mist GroenLinks de scherpte en kan er nog wel wat worden toegevoegd. Duurzaamheid is dan natuurlijk een thema waar GroenLinks aan denkt. Dit thema zien wij graag verbonden aan concrete doelstellingen op gebieden als het klimaatbeleid. Voor duurzaam werk is ruimte op de arbeidsmarkt nodig. Het bij elkaar brengen van talent en de vraag is dan ook een goede inzet. Voor mensen die al langer aan de kant staan is dit een hele opgave, een goede opleiding is hierbij voor jongeren een belangrijke stap. Ook aandacht buiten de school is belangrijk om jongeren te betrekken bij de stad en hen hun kwaliteiten te laten ontdekken. Goede begeleiding en aandacht voor talent motiveren, geven zelfvertrouwen en maken ontwikkeling mogelijk. Dwang en drang om tot een opleidingskeuze te komen past hier niet goed bij vindt GroenLinks. Betrekken bij de stad dus en bij elkaar, niet makkelijk in een samenleving waar iedereen druk is en vooral druk met zichzelf. Enschede heeft juist een traditie in samendoen. Overal in de stad zijn organisaties actief en komen initiatieven van de grond. Dit is echt iets om trots op te zijn en om op te bouwen. Wat dat betreft laten de ideeën over het imagobeleid wel wat liggen. Stedelijkheid, (grote) iconen, gebouwen en evenementen, daar wordt over gesproken. Maar de manier waarop we met elkaar omgaan bepaalt de sfeer, de cultuur in de stad en die straal je ook uit. De activiteit en organisatie van bewoners in onze stad zijn een geweldige basis voor het bouwen aan de stad van onderop. Dit past bij de discussies met de stad die de gemeente het afgelopen jaar is aangegaan, ook daarop moeten we voortbouwen. Dit “Enschede-doet-het-samen” komt in het zoeken van partners goed naar voren. Hier verwachten we veel van. Voor het vinden van goede partners zullen we onszelf ook als een betrouwbare en geloofwaardige partner moeten laten zien. De voorbeeldfunctie van de gemeente speelt volgens GroenLinks dan ook een belangrijke rol. De gemeente als voorbeeld voor een duurzame en maatschappelijk verantwoorde partner. Want hoe kun je iets van een ander vragen als je dit zelf al niet naleeft? De kadernota biedt alle mogelijkheid om dé stad van het Oosten te blijven. Voor de invulling hiervan en het aanscherpen van een aantal kaders worden in deze brief een aantal ideeën verder uitgewerkt.
Mariska van Heijster (m.v.heijster@enschede.nl)
Duurzaamheid kan krachtiger in combinatie met klimaatbeleid De titel van de kadernota “Kiezen voor Enschede” mag van mij worden aangevuld met het woord duurzaam: we kiezen voor een duurzaam Enschede. In deze kadernota staat dat duurzame ontwikkeling van Enschede wordt gestimuleerd en dat dit fenomeen in alle begrotingsprogramma’s te vinden zal zijn. Per begrotingsprogramma wordt concreet aangegeven wat het gemeentebestuur doet om de doelstellingen voor duurzaamheid te realiseren. Meer staat er niet vermeld over duurzaamheid. Het zijn hooguit 3 zinnen over dit onderwerp, nog gemengd ook met een ander belangrijk onderwerp: integratie. Natuurlijk gaat het om de intentie, de echte wil om van duurzaamheid een werkelijk focuspunt te maken. Die wil heeft het College wel, maar ik vind het -eerlijk gezegd- nogal dunnetjes geformuleerd. Het is breed en daardoor te algemeen neergezet in de (concept)kadernota. Ik vind dat het allemaal krachtiger en duidelijker kan. Met duurzaamheid kun je vele kanten uit, want het is een zogenoemd containerbegrip. Het bevorderen van een duurzame samenleving vraagt om een balans tussen economie, ecologie en sociaal-culturele aspecten. Dat moet het voor Enschedeërs mogelijk maken om hier prettig te wonen, te werken en te recreëren. Een definitie van duurzaamheid is: “voorzien in de behoeften van nu, zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun behoeften te voorzien in gevaar te brengen.” Dát moet de focus zijn voor politiek en bestuur van Enschede. Verbinden met klimaatbeleid Duurzaamheid wordt in de kadernota niet verbonden met klimaatbeleid. Dat is jammer, want we zijn nu juist actief bezig om Enschede in stappen klimaatneutraal te laten worden. Ook wij dragen ons steentje bij aan het terugdringen van broeikasgassen zoals co2 (kooldioxide). En met wij bedoel ik: alle inwoners van onze stad. Deze ambitieuze klimaatdoelstellingen moeten een prominente plek krijgen in de kadernota, de programmabegroting en de Toekomstvisie Enschede 2020. Ook hierbij hebben we partners hard nodig. Dat zijn er veel: Rijk, provincie, ondernemers en burgers. Het is juist dat duurzaamheid (en klimaatbeleid) facetbeleid is. Het komt overal terug in gemeentelijke plannen. Dat is mooi, maar dat vereist wel een sterke coördinatie in de uitvoering, zowel ambtelijk als bestuurlijk. Een schone taak voor onze wethouder Jelmer van der Zee. Maar zijn collega collegeleden moeten hier ook hun verantwoordelijkheid nemen en binnen hun portefeuilles activiteiten op het gebied van duurzaamheid/klimaatbeleid oppakken. Denk bijvoorbeeld aan: grote energiebesparingsprojecten in de woningbouw (Wonen, wethouder Bleker); stimuleren gebruik openbaar vervoer, fietsvoorzieningen (Mobiliteit, wethouder Goudt); vergroenen gemeentelijke belastingen (Middelen, wethouder Goudt); bevorderen klimaatneutraal ondernemen (Economie, wethouder Helder); vermarkten Enschede als groene, duurzame hoofdstad van Oost Nederland (Communicatie, burgemeester Den Oudsten). De Raad stelt de duurzaamheidskaders en bepaalt de budgetten. GroenLinks kiest voor Enschede en voor een stevige inzet op duurzaamheid en klimaatbeleid. Wij stropen de mouwen op en popelen om nog harder aan de slag te gaan. U toch ook? René Tenkink (r.tenkink@enschede.nl)
Met de kadernota die er nu ligt wordt er kort en bondig richting gegeven aan wat we de komende jaren in Enschede willen gaan doen. Door deze kadernota speelt ook de discussie over de Toekomstvisie, en het goede daaraan is dat we als raad de signalen uit de stad nog vers in ons geheugen hebben. Enschedeërs zijn blij met hun Enschede, en daarmee bedoelen ze zowel Stad Enschede als hun eigen (gehuurd) stukje Enschede. Juist het gevoel dat men naar elkaar omkijkt, dat men de buren kent, is een kracht van Enschede. Een ander belangrijk signaal is het uitgaan van die eigen kracht. We kunnen veel als Enschedeers samen, we krijgen ook al veel voor elkaar, maar het kan op sommige punten nog wel een stukje beter, bijv. op het gebied van werk of van culturele aantrekkingskracht. Maar daar hebben we elkaar wel voor nodig. Naar de WMO Hier komt dan een van de hoofdthema’s uit de kadernota om de hoek kijken: Ons Enschede. De komende jaren staan ook in het teken van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Ons Enschede wordt hier grotendeels aan opgehangen. Als ambities zijn geformuleerd het stimuleren van sociale binding en noaberschap en het versterken van de zelfredzaamheid in relatie tot de woonservicegebieden. Met de woonservicegebieden wordt in eerste instantie in kaart gebracht wat voor inwoners en voorzieningen dit gebied heeft, om vervolgens gezamenlijk te bepalen wat behouden zou moeten worden en wat mist. Hiermee wordt in belangrijke mate uitvoering gegeven aan de motie die ik vorig jaar hierover indiende in het kader van het WMO-debat. Daarnaast wordt er ingezet op een voldoende gedifferentieerd aanbod van aanpasbare (levensloopbestendige) woningen en woonvormen verdeeld over de stad. Levenskwaliteit belangrijkst Maar belangrijker dan deze maatregelen is het doel wat je ermee hebt: het behoud of vergroten van levenskwaliteit. Dan gaat het om zelfstandig leven met een goed sociaal netwerk. En dat zo lang mogelijk behouden. De laatste jaren is er veel gesproken over de individualisering van de samenleving. Eigen keuzes maken, vrijheid was het belangrijkste goed. Naar mijn gevoel gaat het tegenwoordig al meer terug naar het samenleven. Maar dat gaat opeens niet meer zo vanzelfsprekend. Dat opnieuw leren, zonder te vervallen in sociale controle of verplichtingen, dat is de uitdaging waar we voor staan.
Marieke Arends (mj.arends@enschede.nl)
Imagobeleid Enschede, inzet op mensen Het imagobeleid krijgt grote prioriteit in Enschede. Terecht want een goed imago heb je niet zo maar, dit heeft aandacht nodig. Een goed imago verdien je en past bij de inhoud. Een imago dat op die manier ontstaat is duurzaam en geloofwaardig. Tijdens de discussies met de stad over het imagobeleid kwam duidelijk naar voren dat alleen aandacht voor de buitenkant niet genoeg is. Het beeld dat je neerzet moet passen bij de inhoud en hier ook op aansluiten. GroenLinks ziet dit nog onvoldoende terug in de (concept) kadernota. Het accent ligt toch vooral op gebouwen, stedelijkheid en de organisatie van evenementen. Een richting die veel steden kiezen, maar ook iets wat duidelijk wordt gekocht in plaats van verdiend. Een van de talenten van Enschede is de combinatie van groen en rust met de stedelijke faciliteiten. Hiermee onderscheiden we ons absoluut van de randstad en dit is dan ook de reden dat veel mensen naar onze stad komen. Groen is niet alleen een factor waarmee we ons op de toeristenmarkt kunnen verkopen, het is ook echt een onderdeel van ons imago en de sfeer in onze stad. In de kadernota zien we hier nog te weinig over terug. De mensen in onze stad zelf zijn de talenten waar we mee werken. De activiteit en het ondernemerschap betekenen veel voor de stad, dit kunnen we ook naar buiten uitstralen. Door initiatief te belonen en te bouwen op de organisaties in de stad. Geef ze meer inspraak, ruimte en podium om op naar buiten te treden. In de discussie over het behoud van cultureel erfgoed bijvoorbeeld. In korte tijd zijn veel mensen hierop actief geworden en hebben zich georganiseerd. Een betrokkenheid waar we trots op kunnen zijn en die we kunnen belonen. Door het gesprek (eerder) aan te gaan, te luisteren en de informatie op een creatieve manier mee te nemen. De Twentse Schouwburg biedt een goede test voor dit soort processen, waar we zeker mee door moeten gaan! Stedelijke iconen werken, dat hebben we ook in Manchester gezien. Juist hiervoor kunnen we ook partners zoeken. Met een helder beeld van wat we, waar willen, kunnen we de markt hier zelf een grote rol in laten spelen. Nadenken over het beeld van onze stad aan de rand, in het centrum, wat daartussen ligt en vooral hoe de mensen dit zelf ervaren is echt belangrijk. Hiervoor zal ook meer aandacht moeten komen. Imago is niet alleen iets dat de buitenwereld van je ziet, het is ook iets waar je zelf actief aan bijdraagt. Als we willen dat mensen in Enschede een goede ambassadeur zijn voor de stad, zullen we moeten zorgen dat ze dit ook willen en kunnen. Evenementenbeleid is ook een belangrijke pijler van het imago en marketingbeleid van onze stad. Enschede investeert hier veel in. Een inhoudelijk kader ontbreekt, zo bleek ook uit de discussie over het Platform Streekmarketing. Er wordt veel georganiseerd en het beeld dat er in Enschede altijd iets te beleven valt is intussen wel gevestigd. Nu nog aandacht voor wat er hier te beleven valt en de inhoudelijke samenhang (ook met marketing beleid op het gebied van bedrijvigheid bijvoorbeeld), dan heb je ook een helderder opdracht aan het Platform. Meer aandacht voor de Enschedese talenten, de cultuur hier, de manier waarop we met elkaar omgaan en de dingen samen doen draagt hieraan bij en het geeft meer inhoud aan de plannen voor ons imago. Dit is geloofwaardiger en zal ook beter beklijven.
Mariska van Heijster (m.v.heijster@enschede.nl)
Ontmoeten centraal in stadsdeelgewijs werken Afgelopen maandag was er in het randprogramma van de raad een aparte bijeenkomst over de toekomst van het stadsdeelgewijs werken. Ik weet niet hoe u er over denkt, maar ik vind dat Enschede dat goed voor mekaar heeft. Die signalen krijg ik ook herhaaldelijk uit de stadsdeelcommissies, maar bijv. ook tijdens het Europese VISP-congres over stedelijke vernieuwing waar ik onlangs aan meedeed. Blijkbaar is men het er breed over eens dat deze manier van werken, een kleine effectieve organisatie, werkt. Wat mij betreft hadden we in de discussie nog wel iets meer de diepte in mogen gaan, want voor mijn gevoel zijn we ook nog niet helemaal klaar met het stadsdeelgewijs werken, en dan denk ik vooral aan de rest van de ambtelijke organisatie. In de discussie ging het dus weinig over de vorm, maar meer over de inhoud, hoe de thema’s uit de kadernota hun beslag krijgen in de stadsdelen. Dus over Enschede werkt!, Stad Enschede en Ons Enschede. Het stadsdeelmanagement zou hier dan een aanjaagfunctie kunnen vervullen, en afhankelijk van de kenmerken van een wijk of buurt kunnen projecten als wijkeconomie, stages en leerwerkplaatsen bij bedrijven uit de buurt, sociale activering, huis-aan-huisbezoeken, cultuureducatie tot stand kunnen komen. Maar belangrijker nog was het thema participatie, al kwam dat niet zo uit de verf. Hoe gaan we de komende jaren de burgers meer betrekken bij hun medebewoners? En welke rol heeft de overheid daarin, en bijv. de welzijnsorganisatie? En met het feit dat de budgetten van het stadsdeelgewijs werken vanaf 2008 met zo’n 700.000,- euro afnemen als we daar niet als raad anders over beslissen, is het de vraag hoe we dit gaan realiseren. Wat mij betreft gaan we ons best doen om deze te behouden, zij het met andere accenten. Laten we dat ontmoeten maar echt centraal stellen, en de budgetten gebruiken om initiatieven te ondersteunen van bijv. scholen die bejaardenhuizen adopteren, kampvuurtjes in straten organiseren, een mobiele koffiehoek wekelijks in een andere straat plaatsen…. En laten we investeren in jongeren en vrijwilligerswerk. Maatschappelijke stages zijn een mooi begin, maar bieden ook een kans om jongeren daadwerkelijk enthousiast te maken voor vrijwilligerswerk.
Marieke Arends (mj.arends@enschede.nl)
Enschede op zoek naar goede partners Partnerschappen, daar verwachten we in Enschede veel van. Met de voorbeelden uit Manchester nog fris in het geheugen en de discussies hierover de laatste maanden lijkt dit haast een toverwoord. Ook GroenLinks is enthousiast over samenwerking met partners in de stad. Samen doe je tenslotte meer dan alleen. Toch willen we hier niet zomaar achter aan hollen en vinden we een goed overzicht van de voor- en nadelen van belang. De ene partner is tenslotte de andere niet. Wie zijn onze partners en wie niet, welke doelen delen we en wat spreken we hierover af? Wanneer hebben we een goede Deal? Hier zijn we in de raad nog niet uit en dit moet ook binnen de toekomstvisie nog verder worden uitgewerkt. De discussie over hoe we om moeten gaan met verzelfstandiging van organisaties past hier goed bij. Maar, ook de afspraken die met FC-Twente worden gemaakt gaan over partnerschap en het sluiten van Deals. FC-Twente is de partner en de Deal is dat FC Twente een groot bedrag leent van de gemeente, die hiervoor een aantal maatschappelijke diensten terug krijgt. De gemeente heeft hiermee een voordelige financiële regeling en krijgt nog sociale inzet van FC-Twente terug ook. Hartstikke goed, alleen in hoeverre hebben we hier nu echt een Deal? Of kopen we hiermee eigenlijk gewoon diensten die we elders misschien goedkoper kunnen krijgen? En, was die maatschappelijke inzet er niet ook al zonder dat er sprake was van een lening? Zo nee, hoe betrokken is die inzet van FC-Twente dan werkelijk? GroenLinks heeft vertrouwen in FC-Twente, maar ik wil hiermee maar zeggen dat dit aspecten zijn om over na te denken bij het werken met Deals en partnerschappen. Nieuwe werkwijzen en onorthodoxe maatregelen, okay. Maar duidelijkheid over wat voor partnerschappen en wat ons dit kost en oplevert, is belangrijk als we hiermee verder willen gaan. GroenLinks ziet dan ook graag dat de partnerschappen en Deals die we hebben en die we aangaan worden gemonitord. Wat zijn de resultaten, wat kost het ons en onze partners en wat levert het ons op, zijn hierbij de belangrijkste vragen. Dus, Enschede kies je partners zorgvuldig, maak afspraken waar je zeker over kunt zijn en maak gebruik van de ervaring die hiermee wordt opgedaan. Enschede, de beste partner Een goede partner, een partner waar je wat voor over hebt, is in elk geval iemand die je kunt vertrouwen. Een partner die uitstraalt te staan voor de doelen waar die voor gaat. Niet alleen een kwestie van woorden dus, maar ook iets waar de gemeente zelf veel aan kan en moet doen. Zelf het goede voorbeeld geven is daarbij voor GroenLinks de rode draad. Op het gebied van werk, duurzaamheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Als we verwachten dat anderen arbeidsplaatsen creëren voor groepen met een afstand tot de arbeidsmarkt, zullen we hierin zelf voorop moeten lopen. De gemeente doet hier veel aan, maar een extra accent op groepen als bijvoorbeeld allochtonen en lager opgeleiden zou goed zijn. Niet alleen het binnenhalen van deze mensen, maar ook het bieden van mogelijkheden om door te stromen, te ontwikkelen hebben hierbij aandacht nodig. Zeker voor vrouwen geldt deze aandacht binnen de gemeente. Dat hoogopgeleide vrouwen in Enschede nog minder participeren op de arbeidsmarkt dan in andere steden in Nederland, is iets dat Enschede zich echt aan moet trekken. Het stimuleren van talent en zelfvertrouwen bij jonge meiden heeft meer aandacht nodig op de scholen, evenals de aandacht voor vrouwen die (nog) niet werken. De gemeente zelf kan hier ook een goed voorbeeld mee geven met personeels- en doorstroombeleid dat extra aandacht geeft aan kansen voor vrouwen en het gebruiken van rolmodellen. Ook als maatschappelijk verantwoord ondernemer kan de gemeente zich als een goede partner meer presenteren. Die Max Havelaarkoffie in de automaten bevalt goed, maar het kan echt nog wel beter. Max Havelaarkoffie als standaard, biologisch voedsel in de kantines en meer aandacht voor duurzaamheid in de bedrijfsvoering. Schoonmaakproducten die goed zijn voor het milieu, besparing van energie enzovoorts. Enschede werkt zo zelf aan haar doelen, geeft hiermee het goede voorbeeld en laat zich zo als een goede partner zien. Begrip voor afblazen Stadsbedrijf Het gemeentelijk Stadsbedrijf wordt niet geboren. Dat is jammer maar wel begrijpelijk. De oprichting van deze organisatie voor het onderhoud van de openbare ruimte (groen, straten, stoepen,etc) is afgeblazen door het college. Het lukt gewoon niet. Het wordt allemaal veel te duur (4 ton extra) terwijl de hele operatie budgettair neutraal zou moeten verlopen. De noodzakelijke splitsing van Axent Groenprojecten (deels bij Stadsbedrijf; deels bij de DCW) blijkt financieel en sociaal riskant. Verder worden de arbeidsmarktdoelstellingen onvoldoende gehaald. Bij het Stadsbedrijf konden veel minder bijstandsgerechtigden aan de slag via leer/werkplaatsen. Ook het aantal detacheringen van DCW-medewerkers viel lager uit dan gedacht. Twijfels onder het gemeentepersoneel speelden ook een rol; maar geen doorslaggevende. GroenLinks heeft begrip voor het B&W-besluit om niet door te gaan met het Stadsbedrijf. Als je merkt dat je een doodlopende weg in dreigt te lopen, dan kun je beter stoppen en kijken welke route je beter kunt nemen. Ik vind deze houding professioneel en ook moedig. Maar hoe nu verder? GroenLinks heeft altijd gehamerd op het belang van de arbeidsmarktdoelstellingen. We hebben als gemeente ook een voorbeeldfunctie als het gaat om het kansen bieden aan kwetsbare mensen op weg naar een betaalde baan. Deze Enschedeërs laten we niet stikken. Gelukkig is het college dat ook niet van plan zoals blijkt uit de brief over het niet doorgaan van het Stadsbedrijf: “De gemeente vraagt bedrijven en organisaties in de stad hun deuren open te zetten voor mensen die niet op eigen kracht de arbeidsmarkt kunnen betreden. Dat is alleen geloofwaardig als de gemeente ook zelf zichtbaar haar aandeel in die maatschappelijke verantwoordelijkheid neemt”. B&W komen in september met een “aanvalsplan” om deze arbeidsmarktdoelstellingen te realiseren en deze mensen te helpen. Daarover volgt een raadsdebat waarin wij ook terugblikken op het afblazen van het Stadsbedrijf. René Tenkink (r.tenkink@enschede.nl)
Groene parels Havengebied worden gespaard De stadsdeelcommissie West gaf afgelopen dinsdag het groene licht voor de “Visie Groen Havengebied”. GroenLinks steunt dit opmerkelijke plan ook voluit, we krijgen er warme gevoelens van. In oktober 2005 namen wij met succes het initiatief voor behoud van het zogenaamde Kraaienbosje aan de Ir. Schiffstraat. Dat is een prachtig restant van een oud Twents cultuurlandschap met statige beuken en eiken waar zeldzame vleermuizen huizen. In die periode noemde ik bij de vaststelling van het Masterplan Havengebied (de onderlegger voor een nieuw bestemmingsplan) meer waardevolle stukjes groen op dat verouderde industrieterrein. We pleitten toen voor een breed onderzoek hiernaar waarbij de Flora & Faunawet leidend zou moeten zijn. Het College heeft dit onderzoek vorig jaar uitgevoerd en dat vormt de basis voor de “Visie Groen Havengebied”. GroenLinks is blij met de uitkomsten. Er zijn inderdaad, zoals we eerder beweerden, behoorlijk wat waardevolle, groene parels te vinden binnen het Havengebied. Volgens de visie kunnen de meeste groene gebiedjes helemaal of gedeeltelijk gehandhaafd blijven (12 locaties). Een paar moeten sneuvelen (5 plekken). Maar het totaalbeeld stemt tot grote tevredenheid. Zo zie je maar dat het wel degelijk mogelijk is deze groene parels in stand te houden in samenhang met de eveneens noodzakelijke, en ook door GroenLinks gewenste, herstructurering van het industrieterrein. Dit is een bewijs dat groene- en economische belangen elkaar niet hoeven te bijten. Het resultaat mag er zijn. We hebben zelfs een “unique sellingpoint”: een bedrijventerrein met een waardevolle groenstructuur. Dat past mooi in ons imago van Enschede. Daar kunnen we mee voor de dag komen. Natuurlijk kunnen we niet alle groene parels handhaven. Daarom is het prima dat 200.000 euro wordt uitgetrokken voor nieuwe groenvoorzieningen als compensatie voor groene gebiedjes die toch moeten verdwijnen.
René Tenkink (r.tenkink@enschede.nl)
GroenLinks agenda
GroenLinks adressen
Fractie: Lipperkerkstraat 126, 7511 DD Enschede, (06) 42729268 René Tenkink Niasstraat 7, 7541 ZJ Enschede, (06) 48775336 GJ van Heekstraat 370, 7521 EM Enschede, (06) 41373589 Fractiemedewerker: Judith Schepers Fractiekantoor: Stadhuis, kamer 72, Postbus 20, 7500 AA Enschede, Wethouder: Jelmer van der Zee Stadhuis, kamer 284, Postbus 20, 7500 AA Enschede, (053) 4818007 Engelsburg 6, 7511 LT Enschede Afdelingsbestuur: Voorzitter: Secretaris:
Over deze nieuwsbrief
LinksVoor, de digitale nieuwsbrief van GroenLinks Enschede, komt twee keer per maand uit en wordt per e-mail naar de abonnees verstuurd. Eerder verschenen nummers kunt u terugvinden op de website van GroenLinks Enschede, http://www.groenlinks-enschede.nl. Wilt u zich aanmelden voor een abonnement op LinksVoor, of u juist afmelden, doe dat dan door een mail te sturen naar info@groenlinksenschede.nl. Reacties en suggesties voor de nieuwsbrief zijn ook welkom op dat adres. terug |
|
|||||||||||||
| Deze site maakt gebruik van HTMLcms, CMS Content management systeem |