|
Start > Nieuwsbrief > Archief 2008 > 14 Maart |
Word lid! | |||||||||||||||||||||||||||||||
linksvoor
De digitale nieuwsbrief van GroenLinks Enschede 14 Maart 1. 4 Alternatieven luchthaven, wat doen we ermee? 2. Enthousiasme over weekendschool moet nog wel handen en voeten krijgen 3. Herstructurering Binnenhaven Enschede 4. Bevolkingskrimp; groene herstructurering mogelijk! 5. Kennisplatform Integratie en Burgerschap kent veelbelovende start 6. Bezoek bij DMO, Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling
4 Alternatieven luchthaven, wat doen we ermee? Maandag stond het Luchthaventerrein op de agenda van het randprogramma. Een fantastische presentatie van de heer Kuenzli van het VTM, Vliegwiel Twente Maatschappij. Zag er goed uit, de presentatie van de vier te onderzoeken alternatieven en het te doorlopen proces. Geweldig dat er twee alternatieven zonder luchthaven worden bekeken en dat er in alle varianten veel aandacht is voor groen. Zelfs de principes People Planet Profit en Cradle tot Cradle werden genoemd. Het openhouden van de uitkomst is van groot belang, zo benadrukte de heer Kuenzli en ook dat spreekt GroenLinks natuurlijk aan. Maar is het mogelijk om de uitkomst van het proces open te houden als alles wordt gedaan om te zorgen dat er gevlogen kan blijven worden, iets wat óók door de heer Kuenzli werd benadrukt. Tijdens de presentatie werd een “pikant detail’ genoemd; een zeer gespecialiseerd zorgaanbod, zoals in het scenario carepark, vraagt eigenlijk om een luchthaven. Een detail dat bijdraagt aan het vermoeden dat er niets aan het toeval wordt overgelaten. Laten we er toch even van uitgaan dat er in het proces open kan worden gewerkt en alle vier zorgvuldig uitgekozen alternatieven evenveel aandacht krijgen en met even goede cijfers worden onderbouwd: Wat gaan we dan met die feiten doen? Zullen voor- en tegenstanders zich door deze feiten laten overtuigen? Zullen voorstanders van de luchthaven ervan overtuigd kunnen worden dat groei van banen en economie mogelijk is zonder een luchthaven? Zou GroenLinks als tegenstander overtuigd kunnen worden van een variant waarin een luchthaven behouden blijft? Heel erg moeilijk lijkt me. Natuurlijk maakt een luchthaven het volbouwen van het groene buitengebied onmogelijk, iets wat GroenLinks goed in de oren klinkt. Echter een luchthaven is niet noodzakelijk om gebieden groen te houden, ook zonder luchthaven kan gekozen worden voor een groene invulling. Iets anders klinkt GroenLinks in elk geval niet goed in de oren; geluidsoverlast, het lawaai dat de vliegtuigen produceren. Dit zal blijven en met een groei van het aantal vliegbewegingen zelfs toenemen. Net als voor de voorstanders telt ook voor GroenLinks het sociaal-economische argument. Met het vertrek van defensie verdwijnen een hoop banen, terwijl we er juist meer willen. Maar, welke bedrijven blijven weg als er geen luchthaven is en over hoeveel arbeidsplaatsen hebben we het dan? Welke bedrijven zullen zeker vertrekken als er geen luchthaven meer is? Hoe zeker is dit allemaal zijn er niet ook bedrijven die zonder luchthaven kunnen, voor welke de luchthaven vlak over de grens volstaat? Ik denk ineens aan een argument dat in de discussie over Twence steeds wordt misbruikt; wij hoeven de private sector toch niet te bedienen? Als we ergens overheidsgeld in de particuliere sector steken is het hier wel…. In tegenstelling tot de voorstanders ziet GroenLinks met name een economisch argument in een mooi en rustig buitengebied zonder luchthaven; een omgeving met rust en groene ruimte. De waarde van buitengebied zal in de toekomst toenemen en de aantrekkingskracht van steden waar rustig wonen mogelijk is met zowel groen als stedelijke faciliteiten op een steenworp afstand zal ook alleen maar toenemen. Zullen deze cijfers ook uit de alternatiefontwikkeling komen? Zal er een scenario mogelijk blijken mét luchthaven, maar zonder geluidsproductie? Een alternatief dat schoon is met luchthaven en dat het milieu niet aantast? GroenLinks wordt hiervan graag overtuigd, maar ziet dat niet gebeuren. Omdat sociaal economische groei ook zonder luchthaven mogelijk is, houden wij onze leefomgeving liever rustig en aantrekkelijk, dus zonder luchthaven.
Mariska van Heister (m.v.heijster@enschede.nl)
Enthousiasme over weekendschool moet nog wel handen en voeten krijgen Twee weken geleden stelde ik vragen aan het College over de voortgang van de weekendschool. Als GroenLinks hadden we hier al eerder aandacht voor gevraagd, en er is inmiddels een verkenning geweest naar de diverse vormen van weekendscholen die er in het land bestaan. Een weekendschool kan bijdragen aan het interesseren van jongeren om door te gaan leren; en jongeren andere voorbeelden en perspectief mee te geven dan van huis uit. Weekendscholen zie je dan ook vooral in sociaal-economische aandachtsbuurten. In De Toermalijn draait bijvoorbeeld al een variant op de Weekendschool, genaamd ‘werkplaats op zondag’. Uit de ervaringen daar, maar dus ook elders in het land, lees je dat een weekendschool vroegtijdig schoolverlaten kan verminderen, kansen voor kinderen uit kansarme milieus vergroot, talenten bij kinderen ontdekt en stimuleert en helpt bij het maken van een beroepskeuze die aansluit op de vraag op de arbeidsmarkt. Weekendscholen draaien voornamelijk op sponsoring. Locaties worden aangeboden door instellingen, gastdocenten bieden zich aan etc. Met name twee varianten, gericht op horizonverbreding en talentontwikkeling worden als kansrijk in Enschede gezien. De wethouder geeft aan dat er met interesse en enthousiasme op het concept weekendschool gereageerd wordt, maar dat dit nog wel omgezet moet worden in daden. Dat betekent dat er in Enschede ook gezocht moet worden naar sponsoren. Dat is ook de volgende stap die nu gezet wordt. Hij kondigde aan dat hij verwacht hier in april meer over te weten.
Marieke Arends (mj.arends@enschede.nl)
Herstructurering Binnenhaven Enschede Maandag 10 maart waren ondernemers van de binnenhaven Enschede uitgenodigd voor een informatie bijeenkomst in diezelfde haven. Ook raadsleden waren hierbij welkom. Tijdens de bijeenkomst zouden we door de binnenhaven varen. Er was een flinke opkomst, waarbij ook Carry Abbenhues, gedeputeerde van de Provincie Overijssel en wethouder Eric Helder aanwezig waren. Na wat informeel gepraat stak de boot van wal en konden we de haven met zijn gebouwen vanaf het water zien. Een heel ander gezicht dan vanaf de straat. Meest opvallend was wel, dat er nauwelijks bedrijven waren die gebruik maken van hun ligging aan het water. Aan- en afvoer vanaf een schip werd kennelijk nauwelijks gedaan, we keken vooral tegen de gesloten achterkanten van de panden. We voeren onder de fietsbrug door en konden het gebied zien waar de nieuwe woonbotenhaven gepland is. Er werd juist over iets anders gepraat, zodat weinig mensen deze plek bemerkten. Er is een samenwerking tussen Almelo, Hengelo en Enschede. In Hengelo trekt het containervervoer geweldig aan, dit bestrijkt het containervervoer in heel Twente. In Almelo en Enschede zal men andere speerpunten moeten maken. Er is een flink bedrag aan subsidie beschikbaar. Dat moet ook wel, herstructurering kost meer dan nieuwe bedrijfsterreinen inrichten. Aangezien er slechts 30 % van het beschikbare terrein in gebruik is, valt er nog veel te verbeteren. Als de woonboten uit de haven weg zijn, is het industriegebied geschikt voor een zwaardere milieu categorie. Er zijn nog wel enkele woonhuizen, deze zijn verbonden aan een bedrijf. Ik zat naast een ondernemer, die ook bij zijn bedrijf woont. Hij vertelde dat het voor de sociale controle hard nodig is, dat er ook gewoond wordt. Particuliere bewaking kan dit niet voldoende overnemen, zo gauw de auto van de bewaking weg is, slaat de dief zijn slag. Hoewel het soms wel eenzaam is, woont hij graag bij zijn bedrijf. De provincie en de gemeente willen samenwerken in dit gebied. Doel is te zorgen voor werkgelegenheid, voldoende groen en een goed werk- en leefklimaat. De plek aan het water is uniek, daarvan zou veel meer gebruik van gemaakt kunnen worden. Misschien moet er een ruiling plaatsvinden, zodat bedrijven die gebruik maken van de ligging aan het water, hier terechtkunnen, waar anderen die niets met het water kunnen, een andere plek zouden kunnen krijgen. Het terrein moet worden opgeknapt, bedrijven moeten er eer in stellen hier te kunnen werken. De bebouwingsdichtheid moet flink omhoog. Mei / juni van dit jaar moet er een visie liggen, waarna er in september weer een presentatie kan zijn. De verwachting is dat de uitvoering vijf jaar in beslag neemt, maar dan kunnen we ook rekenen op een goed en goed benut bedrijven terrein aan het water.
Tiny Hannink (t.hannink@enschede.nl)
Bevolkingskrimp; groene herstructurering mogelijk! De demografische ontwikkelingen vormden één van de aanleidingen voor het vaststellen van een nieuwe toekomstvisie. In het hele traject heeft dit niet erg veel aandacht gehad, wat ook begrijpelijk is gezien de onzekerheid van voorspellingen hierover. Hoewel sommige steden in Nederland al krimpen (Limburg bijvoorbeeld), is dit in Enschede nog niet het geval. Hoewel Twente net als Limburg in het grensgebied ligt, een behoorlijke afstand tot de randstad en een eigen taal (grapje) heeft, is Twente toch een heel ander gebied dan Limburg. Dat de bevolking in Enschede net als in Limburg snel zal krimpen is dan ook niet te voorspellen. Dat ie blijft stijgen is echter ook niet waarschijnlijk. Een dalende bevolking heeft ook los van de verschillen in leeftijdscategorieën effect op veel gebieden; er zal minder behoefte zijn aan voorzieningen, er zijn minder arbeidsplaatsen nodig en……minder mensen nemen minder ruimte in. Trends waar we rekening mee moeten houden, en die meegenomen moeten worden in bijvoorbeeld de woonopgave en de ontwikkeling van bedrijventerreinen. Nu nog blijven gemeenten bijbouwen in het buitengebied. Zowel kleine kernen als steden doen dit. Voor kleine kernen wordt daarmee het buitengebied ten opzichte van het bebouwde oppervlak vaak onevenredig aangetast; het buitengebied is er groter ten opzichte van de bebouwde kom en vaak ook waardevol gezien landschap en natuurlijke uitstraling). Wat niet wil zeggen dat het buitengebied om een stad minder waardevol is. Misschien dat een stadsrandzone, met de zichtbare bebouwing al een minder groene uitstraling heeft, voor de stad heeft zo’n buitengebied mogelijk juist weer meer waarde dan het voor een dorp, waar mensen vaak al groener wonen, ooit kan hebben. In beide gevallen geldt dat je buitengebied wat je eenmaal hebt opgeofferd niet meer terug krijgt. Dit is in elk geval een gangbare gedachte. Maar, is dat wel zo en is dit voldoende? Als het gaat om ongerepte natuur die wordt bebouwd; inderdaad, die krijg je zo nooit meer terug. Als het gaat om cultuurlandschap dan krijg je precies die bomen, struiken planten en dieren, die individuen”, niet meer terug. Voor GroenLinks een probleem, want die individuen hebben op zichzelf al waarde alleen en als geheel. Het compensatie denken gaat wat mij betreft in elk geval niet op. Een heleboel mensen hebben hier echter minder moeite mee en als het gaat om groen dat al opgeofferd is, dan heb ik dat natuurlijk liever gecompenseerd, dan dat het bebouwd blijft. Met het terugdraaien van beslissingen heb ik dan ook geen moeite en met het oog op de toekomst denk ik dat het zelfs goed zou zijn; groen dat voorheen werd opgeofferd kunnen we gewoon weer teruggeven. Bij de Usseler Es hoeven we zover niet eens te gaan, die is nog niet volledig verloren. Maar wat te denken van andere bedrijventerreinen, wijken, stukken standsrand? Op termijn zouden bepaalde randen van de stad weer geheel groen kunnen worden, een “groene herstructurering” zogezegd. Welke wijk ik daarvoor aan zou wijzen? Uuuuh, Stokhorst en Twekkelerveld? Dat is nu te lastig kiezen; net zoals het moeilijk is het aantal Enschedeeers op termijn te voorspellen, is het moeilijk om te bezien in welke wijken er op termijn de meeste leegstand zou komen. Een krimpende bevolking zal in elk geval wel tot zulke vragen leiden. En om te voorkomen dat het verslinden van ruimte en de behoefte aan ruimte om het huis leidt tot een verdergaande opsoupering van schaarse buitengebied, kunnen we hierover beter in een vroeger stadium nadenken.
Mariska van Heijster (m.v.heijster@enschede.nl)
Kennisplatform Integratie en Burgerschap kent veelbelovende start Vorige week woensdag was in de synagoge de eerste bijeenkomst van het Kennisplatform Integratie en Burgerschap. In het kader van het nieuwe integratiebeleid heeft de gemeente dit platform opgericht. Het platform is een onafhankelijke groep bij dit beleid betrokken bewoners die minimaal twee maal per jaar een bijeenkomst organiseert over een thema op het gebied van integratie en burgerschap. Het doel daarbij is kennisuitwisseling, netwerkvorming en gevraagd en ongevraagd advies uitbrengen aan de gemeente. Het kennisplatform biedt een plaats waar voor discussie over belangrijke onderwerpen op het gebied van integratie en burgerschap. Het thema van de eerste bijeenkomst was ‘het spanningsveld tussen opvoeding die je thuis krijgt en die van zogenoemde openbare opvoeders’. Een aantal punten van de avond die me bij zijn gebleven: Trees Pels vroeg aandacht voor het goed luisteren van professionals naar bewoners/cliënten en het trainen van professionals op multiculturele aspecten. Aandacht ook werd er gevraagd voor multiculturele vraagstukken in het middelbaar en hoger onderwijs. Jaap Krikke gaf aan dat je het ook vooral dicht bij jezelf moet houden. De discussie over integratie wordt vaak op stereotyperingen gevoerd, maar als het over een klasgenote of je buurman gaat wordt het toch een ander verhaal. Op de avond zelf waren veel professionals en betrokkenen aanwezig. Toch hoop ik dat dit Platform ook de discussie op straat, op scholen of misschien via internet aangaat. Daartoe zijn ze denk ik prima in staat. Ik moet eerlijk zeggen dat ik in eerste instantie wel kritisch was op het instellen van zo’n Kennisplatform. Er is al zoveel bekend over dit onderwerp en je kunt er wel over blijven praten, terwijl het uiteindelijk op doen aankomt. De leden van het Kennisplatform stralen echter uit dat het bij Integratie en Burgerschap niet alleen over problemen gaat, maar ook over kansen, over een verrijking en verruiming van het blikveld van mensen. Een veelbelovende start dus. Marieke Arends (mj.arends@enschede.nl)
Bezoek bij DMO, Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling Om mijn werk als raadslid goed te kunnen doen, heb ik gevraagd om eens te mogen kijken bij de DMO. De dienst besloot ook andere raadsleden hiertoe de gelegenheid te geven en daarom waren we hier met groepje te gast. We hoorden veel over de Wet Werk en Bijstand en konden het vernieuwde ‘werkplein’ goed bekijken. In Enschede zijn er bijna 5.000 mensen die een bijstandsuitkering hebben. Er wordt sterk gelet op fraude en bij vermoeden hiervan ook gecontroleerd. Als iemand een uitkering aanvraagt, moet daar binnen acht weken duidelijkheid over zijn. Maar gemiddeld wordt er binnen vier weken gestart met de betaling. En als iemand het nodig heeft, kan hij een voorschot krijgen, zo nodig vanaf de eerste dag. Mensen die een vermogen hebben moeten daarop interen tot 5.200 Euro. Mensen met een eigen woning kunnen hierin rustig blijven wonen. Het huis mag een ‘overwaarde’ hebben van 44.000 euro. Als dat meer is, krijgt betrokkene de bijstand als lening. Mocht het huis verkocht worden, moet deze lening terugbetaald worden. Voor mensen die schulden hebben, wordt vaak een betalingsregeling getroffen. Maar 90% van het bedrag van de bijstand moet altijd overblijven. Het bedrag van de aflossing mag niet aan deze 90% komen. (Mensen met particuliere schulden willen hier nog wel eens overheen gaan, omdat zij niet op de hoogte zijn van deze regel.) Wie enigszins kan werken, moet dat doen. Het werk is dan al heel snel ‘passend’. Er blijkt dat mensen het eerste half jaar na werkeloosheid het gemakkelijkst weer aan het werk komen. Daarna wordt het steeds moeilijker. Waar eerst vooral de ‘kansrijken’ aan werk geholpen werden, zijn nu ook de mensen die minder kansen hebben aan de beurt. Alles wordt uit de kast getrokken om mensen aan het werk te helpen want nog steeds is werk de beste manier om uit de armoede te komen. Aan het eind van de morgen hadden we veel gehoord, maar er waren nog steeds vragen. Die konden we schriftelijk stellen, zodat ook die aan bod zullen komen.
Tiny Hannink (t.hannink@enschede.nl)
GroenLinks agenda
GroenLinks adressen
Fractie: Lipperkerkstraat 126, 7511 DD Enschede, (06) 42729268 GJ van Heekstraat 370, 7521 EM Enschede, (06) 41373589 Haaksbergerstraat 317, 7545 GJ Enschede, (053) 4340559 Fractiemedewerker: Judith Schepers Fractiekantoor: Stadhuis, kamer 72, Postbus 20, 7500 AA Enschede, Wethouder: Jelmer van der Zee Stadhuis, kamer 284, Postbus 20, 7500 AA Enschede, (053) 4818007 Engelsburg 6, 7511 LT Enschede Afdelingsbestuur: Voorzitter: Secretaris:
Over deze nieuwsbrief
LinksVoor, de digitale nieuwsbrief van Eerder verschenen nummers kunt u terugvinden op de website van GroenLinks Enschede, http://www.groenlinks-enschede.nl. Wilt u zich aanmelden voor een abonnement op LinksVoor, of u juist afmelden, doe dat dan door een mail te sturen naar info@groenlinksenschede.nl. Reacties en suggesties voor de nieuwsbrief zijn ook welkom op dat adres.
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||
| Deze site maakt gebruik van HTMLcms, CMS Content management systeem |